Juni 2012
Nieuwsbrief Stichting Help helpen Juni 2012
Beste nieuwsbrieflezers en -Iezeressen,
Terugblikkend op 2011 en de eerste helft van 2012 mogen we concluderen dat Wies er met haar Ghanese NGO nog steeds in slaagt ontwikkelingsprojecten tot een goed einde te brengen. De uitvoerende werkzaamheden verlopen niet altijd conform de gemaakte afspraken en tegenslagen komen regelmatig voor, maar dat brengt Wies met haar 40 jaar Afrika-ervaring niet meer aan het schrikken. Zij gaat door totdat het beoogde doel is bereikt.
Zo is in Lipke Bala recentelijk een IT -Center geopend. Oorspronkelijk was dit project bedoeld als bouw voor een lagere school met drie klassen. Tijdens de voorbereidingen kwam het bericht dat de Ghanese overheid gelden had vrijgemaakt voor de bouw van eenzelfde school met zes lokalen. Het project van Wies kreeg nu de bestemming van IT -Center. Zowel kinderen uit Likpe Bala als uit de omgeving maken van deze voorziening gebruik. Door dit extra onderwijsaanbod kan de dorpsjeugd gemakkelijker doorstromen naar vervolgopleidingen. Dit project kon Wies financieren met een legaat. Familieleden van de overledene waren begin dit jaar bij de opening van het centrum aanwezig en de plaatselijke bevolking trakteerde hen op een onvergetelijke dag. In Likpe Mate is een junior secondary school gebouwd en het dorp Tafi Atome kreeg bouwmaterialen om haar kleuterschool annex inderdagverblijf te kunnen afinaken. Enkele jaren geleden heeft Wies in Gbodome een kraamkliniek laten verrijzen. Om het verplegend personeel ook 's nachts direct bij de hand te hebben, worden momenteel op het terrein van de kliniek drie kleine verpleegsters woningen gerealiseerd. Op het aanbrengen van de daken en het storten van de vloeren na zijn de huisjes gereed. Werknemers in de Ghanese gezondheidszorg zijn schaars. Om deze mensen te binden aan een plattelandsdorp, moet je onder andere voor goede huisvesting zorgen. Doe je dat niet, dan blijven ze liever in een grote stad wonen en werken. Met deze opsomming is het lijstje van bouwactiviteiten nog niet compleet. Kukerantumi kreeg er dit jaar een basischooi bij en Liati kan zich sinds kort verheugen over het bezit van een junior secondary school met bibliotheek en computerruimte. In eerdere nieuwsbrieven hebben wij u verteld over het Alavanyo drinkwaterproject dat bestaat uit de constructie van zes waterpompen voor de dorpen Abehenease en Agoxoe (samen 2750 inwoners). Mede door mechanische defecten aan de boormachine liep het project vertraging op. Het project is in maart 2012 afgerond met de ingebruikname en overdracht van de pompen vijf en zes aan de plaatselijke bevolking. Met alle bovengenoemde investeringen was in totaal een bedrag van circa 80.000 euro gemoeid.
In februari 2012 is in Golokuati een container vol gereedschap aangekomen. De vrachtwagen stond 's nachts om 3.00 uur bij Wies voor de deur en zat vol met metselsets, electriciën- en timmersets, schrijfinachines, naaimachines, computers en zelfs een kleine van-dikte-bank voor het schaven van planken. Daarnaast bevatte de container 40 fietsen en 10 rolstoelen. Het gereedschap, de naaimachines en de computers zijn verdeeld onder twee scholen die vakopleidingen aanbieden. De fietsen zijn onder boeren van de coöperatie verdeeld. De meeste van hen wonen op enkele kilometers van hun land. Met een fiets kunnen ze flink wat tijd besparen en bovendien meer vervoeren.
Voor de komende jaren staan twee grote projecten gepland:
- 1. In de nieuwsbrief van december 2011 is een foto van een rijdende cassavefabriek afgedrukt. Deze machine wordt momenteel in Nigeria ingezet bij het verwerken van cassaves tot onder meer zetmeel. Het is een uitvinding van een Nederlandse ingenieur, die aan de landbouw hogeschool in Wageningen heeft gestudeerd. Het fabriekje verschaft jaarlijks werk en inkomsten aan enkele honderden Nigeriaanse boeren. Benieuwd naar het verhaal achter deze slimme productiemethode besloten bestuursleden van de Stichting Help Helpen de ingenieur thuis op te zoeken. Zoals u misschien weet, ondersteunt genoemde stichting Wies o.a met geldinzamelingen voor haar projecten. De ontmoeting vond eind december 2011 plaats en leidde tot een interessant gesprek, waarbij de vraag is geopperd of een dergelijke fabriek ook in Ghana en dan met name in de omgeving van Wies zijn diensten zou kunnen aanbieden. Hierop kregen de bezoekers te horen dat er voor maart 2012 onderhandelingen waren gepland met SabMillar over de levering van zetmeel. Dit bedrijf is één van de grootste bierbrouwerijen ter wereld en ook actief in Ghana. Als de deal doorgaat betekent dit de verwerking van tientallen tonnen cassaves per jaar en extra werkgelegenheid voor honderden Ghanese boeren. Om de uitvinder over te halen met "boeren van Wies" in zee te gaan, boden de bestuursleden hem aan om Wies in Golokuati op te zoeken. Hij is zelf niet gekomen, maar stuurde in maart 2012 een compagnon naar haar om de mogelijkheid tot samenwerking te bestuderen. Wies organiseerde enkele bijeenkomsten met groepen boeren en boerinnen, waarin de compagnon de plannen uiteenzette. Op zijn laptop draaide hij een film, die liet zien hoe de fabriek in Nigeria functioneert. Een cassave is een soort knol. Eenmaal uit de grond gehaald, moet hij binnen 24 uur worden verwerkt, anders gaat hij rotten. In de oogsttijd brengen de boeren hun producten naar een afgesproken plek langs de weg. Nog dezelfde dag rijdt het fabriekje er naar toe en wordt de zetmeel uit de knollen gehaald. Deze snelle behandeling zorgt voor de beste kwaliteit. De boeren die hun cassaves leveren, krijgen een gegarandeerde prijs en zijn verzekerd van een afzetmarkt. Er wordt van hen wel verwacht de afgesproken hoeveelheden te leveren, anders kunnen er tekorten bij de brouwerij ontstaan. Dit vereist een goede organisatie, waarbij de boeren hulp is toegezegd. Tot dusver is bekend dat men in de herfst van 2012 één en mogelijk twee rijdende cassavefabrieken in Ghana gaat inzetten. De productielocaties worden in de loop van juli en augustus aangewezen. De regio van Wies is daarbij duidelijk in beeld. Er is echter nog niets zeker, dus we wachten de gebeurtenissen met spanning af.
- 2. Bij de uitvoering van het tweede project zijn we minder afhankelijk van derden. Het gaat hier om de herstart van een verpleegstersopleiding in Kpando op het terrein van het Margret Marquart Catholic Hospital (MMCH), het plaatselijke ziekenhuis. Van 1971 tot 1983 leidde het MMCH verplegend personeel op in een gebouw dat destijds met fondsen van Duitse donateurs is gebouwd. Er kwam in 1983 een abrupt einde aan dit onderwijs toen de in geldnood verkerende regering haar steun introk. Het complex staat er nog steeds en verkeert in goede staat. Met een aantal aanpassingen en de bouw van een bibliotheek/computerruimte, laboratorium en een demonstratiekamer, d. w.z. een nagebootst ziekenzaaltje, zou de accommodatie aan alle eisen voldoen, die de Ghanese overheid stelt. In 2010 bestond het MMCH 50 jaar. Vanwege het schrijnende verpleegsterstekort in Ghana opperde de directie bij de viering van dit jubileum het idee de vroegere opleiding nieuw leven in te blazen. En zoals in het verleden zo vaak voorkwam, klopte men bij Wies aan voor advies en financiële steun. Sindsdien is er het nodige gebeurd. Vijf studentes van de Avans Hogeschool Breda, afdeling verpleegkunde, hebben in 2011 een haalbaarheidsonderzoek uitgevoerd. Toen dit voor Kpando positief uitviel, kwam de plaatselijke gemeenschap in actie. Er is een commissie benoemd met vertegenwoordigers van maar liefst elf gezaghebbende instanties, waaronder het ministerie van volksgezondheid, het diocees en de locale politiek. Zij heeft haar plannen vastgelegd in een rapport dat februari 2012 is verschenen: De opleiding moet uiterlijk in 2014 starten met minimaal 60 leerlingen. Omdat er een sluitende begroting kon worden gepresenteerd heeft Wies beloofd geld in te zamelen voor de bouwkosten van het schoolcomplex. Deze worden geschat op 75.000 euro. Ontwikkelingshulporganisatie ICCO heeft inmiddels toegezegd een deel daarvan te zullen betalen. In de nieuwsbrief van december 2012 zullen we uitvoerig op dit initiatief terugkomen.