December 2007
Nieuwsbrief stichting Help helpen december 2007
Geachte Nieuwsbrieflezers en -lezeressen,
In oktober en november 2007 hebben de heren Aloys Janssen en Jos Konings bij Wies in Ghana gelogeerd. Zij bezochten in die periode diverse projecten en waren niet te beroerd om Wies bij een aantal lopende zaken een handje te helpen. In deze nieuwsbrief vertelt Aloys namens hun twee over hun ervaringen.
"Laat ik beginnen mezelf aan u voor te stellen. Mijn naam is Aloys Janssen. Ik woon in Sprang- Capelle en draag als bestuurslid van de Stichting Help Helpen in Nederland een steentje bij aan het werk van Wies in de Volta Regio. In 2006 ben ik met functioneelleeftijdontslag gegaan. Dit stelde mij in de gelegenheid om gedurende acht weken de projecten van Wies en "haar mensen" te gaan bekijken. Mijn reisgezel was Jos Konings, een gepensioneerd registeraccountant. Jos heeft Wies al eens eerder bezocht en draagt haar werk een heel warm hart toe. Deze keer zou hij twee weken in Golokuati, de woonplaats van Wies, verblijven. Woensdag 10 oktober vertrokken we met British Airways vanaf Amsterdam naar Accra. Omdat we vinden dat al het geld dat Wies voor haar projecten ontvangt, daadwerkelijk bij de mensen dáár terecht moet komen, hebben Jos en ik deze reis geheel zelfbetaald.
Voor wat betreft de nieuwe projecten lag in de tweede helft van 2006 en 2007 het accent op de bouw van zeven scholen in de Volta Regio, te weten in Golokuati, Korlenu, Kpando-Augudzi, Kledzo, Kukurantumi en Have. Bovendien is in 2007 ook nog een werkplaats gebouwd in Kpan- duo Hier knappen gehandicapten onder leiding van enkele deskundigen rolstoelen, krukken en rollators op. Een Amerikaanse vrijwilligersorganisatie zamelt deze (tweedehands) goederen jaar- lijks in om ze vervolgens naar Ghana te verschepen. De bouw van de eerder genoemde scholen verliep deze keer in sommige gevallen minder vlot dan in voorgaande jaren. Daarvoor zijn enkele oorzaken aan te wijzen. Zo vierde Ghana in 2007 haar 50-jarig bestaan als onafhankelijke natie. In het kader van de daarmee gepaard gaande festivitei- ten werden met name in de hoofdstad Accra veel prestigieuze bouwwerken uit de grond gestampt. Ook zie je de laatste jaren steeds meer Afro-Amerikanen naar hun geboorteland terugkeren. Met hun in het buitenland verdiende geld laten ze in buitenwijken van de grote steden en aan de kust kapitale villa's bouwen. Soms zijn die wel twee tot drie verdiepingen hoog en tellen meer dan 25 kamers, zodat de hele familie er kan wonen. Al deze activiteiten tegelijk vergden op een gegeven moment zoveel cement dat er bij Wies op het platteland niets meer te koop was. De bouw van sommige scholen kwam daardoor tijdelijk stil te liggen. Ondertussen nam de vraag naar bekwame vaklieden als metselaars en timmerlui toe. Zij beleefden gouden tijden en begonnen van de ene op de andere dag vier tot vijf keer zoveel geld te verdienen als voorheen. Dit zette kwaad bloed bij onder andere artsen, verplegend personeel en leerkrachten. Deze beroepsgroepen vonden hun salaris vergeleken met het loon van de bouwvak- kers ineens veel te laag en gingen in staking. De explosieve loonsverhogingen die hierop volgden, zorgden op hun beurt weer voor ongeremde prijsstijgingen. Tot overmaat van ramp is de oude cedi in 2007 vervangen door de nieuwe. Was in 2007 een dollar ongeveer 9.000 oude cedis waard, bij de invoering van de nieuwe munt kreeg je voor een dollar één nieuwe cedi. Zelfs de peswa, de Ghanese cent, is weer terug in het betalingsverkeer. Nog niet zo lang geleden ruilden wij in Nederland de gulden in voor de euro. Sindsdien is het leven in ons land stukken duurder geworden. Te vrezen valt voor soortgelijke effecten in Ghana.
Voor de streek waar Wies woont, betekenden deze ontwikkelingen bovendien dat veel bouwvak- kers uit haar omgeving naar de grote steden en de kust trokken. Zij wilden meeprofiteren van de gestegen vraag naar arbeidskrachten en de hogere lonen. Door gebrek aan cement en personeels- tekort vorderden de bouwprojecten langzamer dan gepland. Toch kon op het eind van 2007 een positieve balans worden opgemaakt. Zes van de zeven scholen, alsmede de workshop in Kpandu zijn afgebouwd. Alleen de school in Kpando-Augudzi is pas half klaar. Onenigheid tussen de bouwploeg en het schoolbestuur ligt aan deze vertraging ten grondslag. Wies heeft met alle ver- antwoordelijken de afspraak gemaakt dat de school vóór 1 juli 2008 dient te zijn afgebouwd.
Wies in gesprek met de dorpelingen
Enkele dagen na aankomst gingen we al met Wies op stap om de in aanbouw zijnde scholen te bezoeken. Het verloop ervan werd besproken in speciale bijeenkomsten met chiefs, dorpsoudsten en andere vooraanstaande inwoners. Wies voelde zich door onze komst gesteund. Zij kon de mensen daar laten zien dat zij er niet al- leen voor staat, maar een achterban heeft, die voor haar de financiën voor de scholenbouw bij elkaar schraapt. De komst van "witte mensen" genereert direct activiteiten in de dorpen. De bewoners willen bewijzen dat ook zij hun mannetje staan. Hier en daar moet Wies wel wat druk zetten en uitleggen dat de mensen veel zelf kunnen doen. Samen en met elkaar werken aan de ontwikkeling van zichzelf, hun kinderen en het dorp is het motto dat Wies uitdraagt. Ik zie haar de dorpelingen toespreken en motiveren áls een moeder haar gezin. Heel betrokken en vol liefde, maar ook streng en rechtvaardig. Al haar toespraken en verhalen zijn doorspekt met opvoedkun- dige en zelfredzame elementen. Zo hoorde ik haar eens tegen haar toehoorders zeggen: "We maken een groot bord waarop alle namen komen te staan van de mensen die belangeloos aan de bouw van de school hebben meegewerkt. Later kunnen de ouders daar met hun kinderen langs lopen en zeggen: kijk daar staat de naam van opa en oma. Die hebben aan jullie school meegebouwd. " De ogen van de aanwezigen beginnen dan te sprankelen van trots. Gedurende mijn verblijf in Ghana heb ik het afbouwen van enkele scholen van dichtbij meege- maakt. Met name de gemeenschap in Have slaagde erin om binnen een half jaar haar school te bouwen. Dan zie je met eigen ogen waartoe leiderschap en samenwerking tussen groepen van diverse gezindten kan leiden. Deze school in Have werd tijdens onze aanwezigheid feestelijk geopend. De mensen zijn trots op hun prestatie, maar ook dankbaar. Er werd ons op het hart gedrukt om alle mensen in Nederland te bedanken voor hun bijdrage aan de ontwikkeling in hun streek. Mede hierdoor kon Wies de laatste tien jaar zo'n dertig solide, stenen scholen bouwen ter vervanging van uit leem, bamboe en gras opgetrokken onderkomens.
School in Kledzo bij de komst van Aloys Zelfde school twee maanden later
Hoewel Wies al bijna 35 jaar in Ghana woont, leert ze nog dagelijks bij. Haar ervaringen vertaalt ze in het bij stellen van de criteria waaraan een gemeenschap moet voldoen om in aanmerking te komen voor hulp. In de eerste plaats moet de lokale bevolking bereid zijn tot samenwerking. Hebben de mensen wat voor elkaar over. Maken zij een actieve indruk. Liggen of zitten de marktvrouwen bijvoorbeeld achter de door hen uitgestalde koopwaar. Dergelijke verschillen constateer je niet per regio, maar zelfs per dorp. Ook de aanwezigheid van veel onvoltooide bouwwerken kunnen duiden op gebrekkige saamhorigheid. De kans dat een project van jou daar slaagt neemt dan aanzienlijk af. Alvorens hulp te bieden, belegt Wies eerst enkele bijeenkomsten met de aanvragers, meestal dorpsbestuurders. Daarin zet ze helder uiteen wat zij van de bewoners zèlf verwacht en wat zij hun kan bieden. Maar vooral: "toon initiatief, ga zelf aan de slag."
Het grote waterproject in Golokuati staat nu goed op de rails. De Dodzi NGO heeft het beheer naar zich toe getrokken en er staat geld op de bank voor onderhoud en reparaties. Er komen steeds meer aanvragen van dorpelingen die een eigen kraan op hun compound willen hebben. Sommigen laten zelfs kranen in hun huis installeren. Dat kan allemaal, maar de aanleg is voor rekening van de aanvragers. Tijdens mijn verblijf in Golokuati maakte ik op wel heel bijzondere wijze kennis met de handels- geest van sommige Ghanezen. Iedere zondag gaat in genoemd dorp een meteropnemer langs de 25 tapplaatsen om het geld te innen van degenen, die de tap beheren. Vrouwen en kinderen komen daar hun emmers, schalen en kannen vullen met water. In het droge seizoen meer dan in het regenseizoen. De beheerder van een tapplaats krijgt voor elke verkochte kubieke meter water een bepaald bedrag en moet de rest afrekenen. De meteropnemer krijgt 10% van wat hij incasseert. Dus hoe meer hij ontvangt, hoe beter voor hem en het waterproject. Op zekere dag besloot één van de waterverkopers voor zichzelf te beginnen. Hij zette een ander slot op de onder zijn beheer vallende kranen en ging water verkopen aan een aannemer. De inkomsten droeg hij niet af, maar hield hij voor zichzelf. De daarop volgende dagen kreeg de man diverse malen bezoek van Dodzi-bestuurders. Zij maanden hem zijn verdiensten af te dragen. Toen dat niet hielp werden ouderen van zijn stam ingeschakeld om de man op andere gedachten te brengen. Ook ontving hij twee brieven met het verzoek bij Wies op kantoor te komen om de zaak op een nette manier op te lossen. Omdat hij niet verscheen en verder ook niets hielp, heeft Dodzi de politie ingeschakeld en schriftelijk aangifte gedaan van waterdief stal. De volgende dag zijn twee Dodzi-bestuurders met de politie naar de bewuste tapplaats gegaan. De waterverkoper werd gearresteerd en overgebracht naar Hohoe, de op één na grootste stad in de Volta Regio. Zolang hij of zijn familie de rekening niet betaalt, blijft hij vastzitten. Dergelijk gedrag kun je niet tolereren en vraagt om direct ingrijpen. Het hele dorp is op de hoogte van het voorval en wacht in spanning de afloop af. Doe je niets of te weinig, dan breng je anderen op het idee het voorbeeld van de man te volgen. Dan is het eind zoek en verlies je als Dodzi- organisatie je geloofwaardigheid. Ook dit is ontwikkelingshulp. Wies, die in de loop der jaren wel gekkere dingen heeft meegemaakt, houdt temidden van alle commotie het hoofd koel. "Never a dull moment in Ghana", merkt ze laconiek op. Ondertussen gaan de door Wies opgezette landbouwactiviteiten gewoon door. De in Golokuati gebouwde brug over de Aflabo-rivier bewijst dagelijks zijn grote nut. De tractor van de coöpe- ratie kan de achter de rivier liggende farms bereiken om er te ploegen en gewassen naar de weg te vervoeren. 80% van de bevolking in de Volta Regio is werkzaam in de landbouw. De productiviteit is echter zó laag dat in de meeste gevallen maar net genoeg verbouwd wordt voor de eigen behoefte. Is er iets over, dan probeert men dat op locale markten te verkopen. Veilingen, zoals in ons land, waar vraag en aanbod elkaar ontmoeten, bestaan in Ghana niet. De boeren zijn niet georganiseerd. Vrijwel iedereen werkt voor zichzelf of op kleine schaal in familieverband.
Nieuwe waterpomp van Dodzi voor groep ananasfarmers
Wies probeert met haar coöperatie de boeren meer te laten samenwerken en via schaalvergroting hun inkomsten wat op te krikken. Tot voor kort kreeg ze daarbij maar weinig steun van de MOF A, het Ghanese Ministerie van Land- en Tuinbouw. De MOF A begint zich de laatste tijd echter steeds beter te ontwikkelen. Een groot winstpunt voor de boeren is dat deze organisatie in 2007 een begin heeft gemaakt met het opkopen van hun gewassen. Dit opent de weg naar een sys- teem waarbij landbouwers hun producten gemakkelijker kunnen slijten en meer inkomensgarantie krijgen. Gesteund door deze hoopgevende perspectieven heeft de Dodzi-coöperatie recentelijk een nieuwe waterpomp aangeschaft. Deze wordt verhuurd aan een ananasfarmer die samen met twaalf vrou- wen een ananaskwekerij heeft opgezet. Zijn sproeiinstallatie stelt hem in staat ook in het droge seizoen ananassen te telen. Er liggen plannen klaar om met hulp van de Ghanese overheid (mofa) over twee jaar een fabriekje te starten voor het maken van ananasjus. Zo hebben los en ik met eigen ogen kunnen zien dat het werk van Wies en Dodzi echt bijdraagt aan de ontwikkeling van de Volta Regio en haar bewoners. We zullen er zeker niet voor de laatste keer zijn geweest."
Mocht u naar aanleiding van deze nieuwsbrief vragen hebben of nadere informatie willen, dan kunt u schrijvenlbellen naar Rob van Hoorn,
Mede namens Wies wensen wij u een gezond en voorspoedig 2008.