December 2010

Ook 2010 had voor Wies weer een aantal verrassingen in petto. Sommige plezierig, andere minder aangenaam. Eén van haar favoriete uitspraken is: "In Ghana I never have a dull moment!" In deze nieuwsbrief kijkt ze niet alleen terug naar gebeurtenissen van het afgelopen jaar, maar werpt ze ook een blik in de nabije toekomst.

Golokuati, december 2010

"Beste mensen,

Ik val maar meteen met de deur in huis. In 2008 heb ik bij u mijn beoogde opvolger broeder Constant Tagyang geïntroduceerd. Ik heb hem de laatste drie jaar leren kennen als een toegewijd en kundige collega; een man waarop ik kon bouwen. Helaas moet ik met ingang van 1 januari a.s. afscheid van hem nemen. Na onenigheid tussen het bisdom Ho, waar ook mijn woonplaats onder valt, en de orde van Spiritijnen, waar Constant deel van uitmaakt, besloot zijn overste hem over te plaatsen naar Kumasi. Ik moet dus op zoek naar een nieuwe vervanger. Tot die tijd sta ik er alleen voor. In dit verband is het woord alleen gelukkig een relatief begrip. In Nederland weet ik me gesteund door enkele goede vrienden die me met raad en daad bijstaan. Verder bestaat mijn achterban uit een dertigtal organisaties en ruim honderd particulieren die mijn projecten fmancieel mogelijk maken. Inclusief twee legaten met een gezamenlijke waarde van 28.800 euro is in 2010 maar liefst 75.065 euro aan giften binnengekomen, waarvoor ik u hartelijk dank. Met dit geld is onder meer een waterproject gerealiseerd in Alavanyo, een uitbreiding van de middelbare school in Golokuati met een computerlokaal en bibliotheek en een basis- school in Likpe Bala. Totale kosten ruim 50.000 euro.

Waterproject in Alavanyo

Zo'n 30 kilometer ten noorden van Golokuati liggen in een uithoek van de Volta Regio de tegen elkaar gegroeide dorpjes Alavanyo Abehenease (1.300 inwoners) en Alavanyo Agoxoe (1.450 ingezetenen). De dorpelingen behoren tot de armste uit de streek en leven van land- bouw, zandwinning en kleinschalige handel. In het regenseizoen vangen zij hemelwater op in vaten en tonnen om te gebruiken voor consumptieve doeleinden. Wanneer de buien elkaar niet snel genoeg opvolgen, is de bevolking voor haar drinkwater aangewezen op een riviertje dat een kilometer buiten de dorpen stroomt. Het water ervan is ernstig vervuild met land- bouwbestrijdingsmiddelen, menselijke en dierlijke uitwerpselen en niet geschikt om te drin- ken. In het droge seizoen, van december tot mei, verslechtert de situatie verder omdat de rivier droog valt. In het midden van de bedding graven dorpelingen dan enkele diepe kuilen. Met aan touwen vastgeknoopte emmers takelen ze geringe hoeveelheden, eveneens vervuild water naar boven. Door het bijna permanente gebrek aan schoon drinkwater lijden de bewoners regelmatig aan tyfus, cholera, bilharzia enlof diarree. Gemiddeld overlijden er jaarlijks een vijftal mensen aan deze kwalen, met name kinderen. Geologisch onderzoek wees uit dat er zich ondergronds voldoende schoon drinkwater bevindt, dat kan worden opgepompt. Na enkele gesprekken met de chief en dorpsoudsten en bezichti- gingen ter plaatse spraken we af dit jaar vier waterpompen te installeren. Iedere pomp zou op 500 meter afstand van de ander komen te staan, zodat de loopafstand voor de gebruikers beperkt blijft. Voor de realisatie van dit project moesten vier gaten van 40 tot 60 meter diep door rotsachtige bodem worden geboord. Begin december kwam het eerste water uit de pompen. De dorpen beschikken nu het gehele jaar door over schoon drinkwater. Aan deze voorziening heeft de regionale overheid voorlichtingsprogramma's gekoppeld. Hierdoor zullen onder andere gezondheid en hygiëne met sprongen vooruit gaan. Gezien het groeiend aantal inwoners ligt het in de bedoeling volgend jaar in Alavanyo nóg twee waterpompen in gebruik te nemen.

helphelpennieuwsbrief001  helphelpennieuwsbrief002

Computerlokaal en bibliotheek in Golokuati

Van de circa dertig scholen die ik met uw hulp de afgelopen tien jaar in mijn regio heb kunnen bouwen, behoort de middelbare school in Golokuati tot één van de succesvolste. De gedreven directeur mr. Seto wist mij te overtuigen van de noodzaak een computerlokaal met bibliotheek te bouwen. Dit stelt hem en zijn staf in staat het onderwijsaanbod uit te breiden en verder te verbeteren. Het gebouw is recentelijk opgeleverd en voorzien van de nodige elekriciteitaansluitingen, muskietengaas, een verlaagd plafond en met stalen frames voor de ramen. Dit laatste is helaas noodzakelijk want ook het platteland krijgt steeds vaker te maken met gewapende roofover- vallen. De Regionale Minister zal zorgen voor de benodigde tafels en stoelen en een Neder- landse stichting gaat de computers leveren.

Basisschool in Likpe Bala

Een legaat van een vriendin stelt me in staat een degelijke stenen basisschool in Likpe Bala te bouwen. De aanvraag lag er al jaren. Het huidige uit leem opgetrokken onderkomen is een onveilige bouwval, die nog slechts voor de helft in gebruik is. In het andere deel zitten centimeters brede en meters lange verticale scheuren die het instortingsgevaar met de dag groter maken. Drie maanden geleden is met de nieuwbouw gestart. Van de locale bevolking wordt een flinke bijdrage verwacht in de vorm van communallabour.

helphelpennieuwsbrief004De school zal "Elisabeth Memorial" gaan heten. Vroeger kwam regelmatig de gedachte bij me op dat ik in dit deel van de Volta Regio de ontwikkelingskar in mijn eentje aan het trekken was. Van de gebrekkig functionerende overheidsinstellingen had ik vaak meer last dan plezier. Als je al eens afspraken met hen kon maken, werden ze meestal niet nagekomen. Gelukkig begint daar de laatste tijd met de nieuwe regering verandering in te komen. Een voorbeeld: In mijn woonplaats Golokuati is een open- bare Junior High School (JHS) gevestigd, die veel te weinig leerlingen trekt. Op hetzelfde terrein probeert een vakopleiding onder primitieve omstandigheden het hoofd boven water te houden. De overheid is de door ons in Golokuati gebouwde EP-basisschool momenteel zodanig aan het aanpassen dat de JHS er ook onderdak kan vinden. Deze verhuizing stelt de vakopleiding in staat de vrijkomende lokalen van de JHS in gebruik te nemen. Bovendien gaat de regering de twee scholen meer financiële hulp bieden. En dat laatste is hard nodig. De vak- opleiding heet ICCES (Integrated Community Centre for Employable SkilIs) en is in 1983 opgericht. Zij leidt jongens en meisjes tussen de 16 en 22 jaar in vier jaar tijd op voor één van de volgende beroepen: timmeren, metselen, kleding ontwerpen en kleding maken, secretares- se, landbouwer, electriciën, lasser en automonteur. Onlangs heb ik het centrum, dat 104 leer- lingen telt, bezocht. Tijdens mijn rondgang werd ik pijnlijk getroffen door het gebrek aan lesbenodigdheden (gereedschap, apparatuur en machines). Het eerste wat ik dacht was: "hoe kun je in vredesnaam met zo 'n ongelooflijk tekort aan materialen je leerlingen onderwijzen en praktijkervaring laten opdoen." Mogelijk breken voor ICCES op korte termijn betere tijden aan. In de loop van 2010 zijn er vanuit Nederland namelijk contacten gelegd met het Regionale Opleidingen Centrum (R.O.C.) West-Brabant. Inmiddels heeft de stagecoördinator van dit R .O.C. mij in Ghana opgezocht. Deze ontmoeting heeft ertoe geleid dat sinds augustus 2010 studenten verpleeg- kunde stage lopen in enkele ziekenhuizen bij mij in de buurt. Het ligt in de bedoeling om vanaf 20 I 1 ook Nederlandse jongeren met een opleiding als bijvoorbeeld ict'er metselaar, timmerman, automonteur, ofelectriciën in de Volta Regio stage te laten lopen. Tevens wordt gedacht aan het uitwisselen van docenten. Een school als het bovengenoemde ICCES zou met dergelijke relaties grote sprongen voorwaarts kunnen maken.Naast activiteiten op het gebied van gezondheidszorg en onderwijs blijf ik me inspannen voor groeiende werkgelegenheid en inkomstenverbetering van de mensen in mijn omgeving. De meeste van hen zijn werkzaam in de landbouw. De agrarische sector biedt volop mogelijk- heden om met goede zaden, verstandig gebruik van (kunst)mest, vakkennis en irrigatie de opbrengsten flink te verhogen. Het verwerken van landbouwproducten met behulp van maismolens, cassaveraspers en palmnootkraakmachientjes levert eveneens inkomsten en arbeidsplaatsen op. Genoemde producten worden gemaakt in een mede door Dodzi gefinan- cierde werkplaats in Yuapong. Eigenaar Frank staat garant voor goede kwaliteit. Dodzi koopt zijn machines om ze vervolgens te verhuren aan lokale boeren en boerinnen. Kleine, hardwerkende zelfstandigen kunnen onder bepaalde voorwaarden microkredieten krij- gen. Eén van hen is schoenmaker Kofi. Deze gehandicapte man maakt sandalen en verkoopt ze in zijn eenvoudige kiosk. Met een lening van 300 cedis (150 euro) kocht hij stukjes leer- afval, die hij omtovert in sandalen. Hij maakt met de hand vijfpaar schoenen per dag en ver- dient daarmee heel behoorlijk de kost.helphelpennieuwsbrief003

Tot slot wil ik u iets vertellen over Linda, een 19-jarig meisje uit mijn dorp. Linda heeft ver- leden jaar met succes haar middelbare schooldiploma gehaald en wil verpleegster worden. De daaraan verbonden kosten zijn voor haar ouders niet op te brengen. Toch wil Linda haar droom realiseren. De laatste drie maanden van 2009 en heel 2010 heeft ze daarom zes dagen in de week van 's morgens 7.00 tot 's avonds 22.00 uur in de plaatselijke drogisterij gewerkt. Haar inkomen? 60 cedis (ongeveer 30 euro) per maand. Ik spreek haar regelmatig en heb begin december haar totale verdiensten verdubbeld zodat ze in 2011 een begin kan maken met haar studie. Jongeren als Linda geven mij hoop. Hoop op een betere toekomst voor haar en haar landge- noten. Vanuit een bloedheet Ghana wens ik u een gezond en voorspoedig 2011 "